Wensenpakket maakt nieuwe werkschepen Rijkswaterstaat te zwaar

23-12-2018

 De nieuwe MPV-30.

De eerste drie door de Rijksrederij bestelde identieke multi-purpose vessels (MPV-30) voor de vlootvervanging bij Rijkswaterstaat voldoen al tijdens de bouw al niet meer aan de eisen die bij de aanbesteding werden gesteld.

Dat meldt minister Van Nieuwenhuizen in een brief aan de Tweede Kamer. Dit zijn multifunctionele werkschepen die tot 30 zeemijl uit de Nederlandse kust mogen varen. De hybride aangedreven MPV-30 zal worden ingezet voor de drijvende vaarwegmarkering in de Zeeuwse wateren, de Waddenzee en het IJsselmeer.

“Bij de aanbesteding is de markt uitgedaagd om sterk in te zetten op duurzaamheid en innovatie ten aanzien van de multifunctionele inzetbaarheid van de schepen”, schrijft de minister. “Dit leidt zowel in de aanbesteding als bij het ontwerp tot extra complexiteit. Gedurende de bouw van deze schepen is aan het licht gekomen dat zonder aanpassing aan de schepen niet meer volledig wordt voldaan aan de eisen die bij de aanbesteding gesteld zijn”.

Dat zou mede komen door wijzigingen die aan het oorspronkelijke ontwerp zijn toegevoegd, die vervolgens weer grotere consequenties hadden dan verwacht. De gevolgen hebben te maken met zichtlijnen en diepgang van het schip. Op dit moment bevindt het project zich in de opleverfase, wat betekent dat deze schepen nog niet geaccepteerd zijn door de Rijksrederij. De schepen zijn al wel te water gelaten, als onderdeel van de opleverfase.
Rijkswaterstaat is in overleg met de Friese scheepswerf Bijlsma Wartena om te bezien welke oplossingen er mogelijk zijn. Het gaat om een tweetal zaken: zichtlijnen en diepgang. Bij de nadere uitwerking van de benodigde kraan zijn er aanpassingen gedaan die een negatief effect bleken te hebben op de zichtlijnen.

Aansprakelijkheid
Door toevoegingen aan het ontwerp blijkt het schip dieper te liggen dan gewenst. Dat heeft consequenties voor onder meer de inzetbaarheid, hoeveelheid lading die kan worden meegenomen en de ligging van de slaapvertrekken. Zeker is in elk geval dat de oplevering van de schepen is vertraagd. Parallel aan het onderzoek naar mogelijke oplossingen voor de ‘gebreken’ wordt ook de aansprakelijkheidskwestie uitgezocht.

Rijkswaterstaat heeft besloten om in het vlootvervangingsprogramma een pas op de plaats te maken en zeker te stellen dat de schepen bij oplevering voldoen aan de oorspronkelijke basiseisen. Na de MPV-30 schepen worden twee MPV-Midden schepen en de kleinere MPV-05 schepen opgeleverd, die gaan op de binnenwateren en tot 5 mijl uit de kust varen.

Vervangingen die in voorbereiding zijn, maar nog niet gegund, worden daarom eerst kritisch tegen het licht gehouden, alvorens te starten met de aanbesteding. Reden voor deze pas op de plaats zijn de eerdere ervaringen met de rigid hull inflatable boats (RHIB’s), de recente ervaringen met de drie MPV-30 schepen, alsmede het feit dat het onderzoek van de ADR naar de problemen bij de RHIB’s nog op zich laat wachten.
 

De eerste drie door de Rijksrederij bestelde identieke multi-purpose vessels (MPV-30) voor de vlootvervanging bij Rijkswaterstaat voldoen al tijdens de bouw al niet meer aan de eisen die bij de aanbesteding werden gesteld.

Dat meldt minister Van Nieuwenhuizen in een brief aan de Tweede Kamer. Dit zijn multifunctionele werkschepen die tot 30 zeemijl uit de Nederlandse kust mogen varen. De hybride aangedreven MPV-30 zal worden ingezet voor de drijvende vaarwegmarkering in de Zeeuwse wateren, de Waddenzee en het IJsselmeer.

Tags

GERELATEERD