Overslaan en naar de inhoud gaan
grave
De enkele sluiskolk bij Grave, een van de grote knelpunten op de Maascorridor. Archieffoto Rijkswaterstaat
Reactie brancheorganisaties op de rijksbegroting

‘Natte infrastructuur in Nederland is verouderd’

Koninklijke BLN-Schuttevaer, het Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart (CBRB), de Vereniging van Waterbouwers en evofenedex, samenwerkend in het Centraal Overleg Vaarwegen (COV), zijn blij dat de regering vanuit het Nationaal Groeifonds en het steunpakket voor corona investeert in de vaarweginfrastructuur.

“De natte infrastructuur in Nederland is verouderd en dient op veel plaatsen gerenoveerd of vernieuwd te worden om ook in de toekomst de voordelen van vervoer over water optimaal te kunnen benutten”, zo stellen de organisaties. Naast investeren in aanleg en deugdelijk beheer en onderhoud roept het COV op om tegelijkertijd te investeren in kennis en deskundig personeel bij Rijkswaterstaat: “Er is extra personeel nodig om de waterbouwkundige werken aan te besteden en in de uitvoering te begeleiden.”

De brancheorganisaties zijn blij dat een deel van dit geld gebruikt wordt om de infrastructuur te verbeteren. Investeren in de vaarwegen helpt files op de wegen te verminderen, is milieuvriendelijk en heeft een vliegwieleffect voor regionale economieën. Het COV adviseert het Rijk eveneens gebruik te maken van de middelen die Europa, vanuit het Europees Herstelfonds, vrijmaakt voor infrastructuur.

Vaarwegen

In 2021 wordt op het gebied van aanleg van nieuwe infrastructuur onder andere geïnvesteerd in verruiming van de Twentekanalen, Sluis II op het Wilhelminakanaal en extra ligplaatsen op de Merwede. Door op diverse plaatsen onderhoud versneld uit te voeren, wil de regering oponthoud bij bruggen en sluizen verminderen.

De brancheorganisaties kunnen de urgentie van deugdelijk beheer en onderhoud van de Nederlandse vaarwegen niet genoeg benadrukken: “Dagelijks heeft de binnenvaart te maken met de effecten van zwaar achterstallig onderhoud, welke is doorgeslagen op de fundamentele elementen van de nautische kunstwerken. Dit zorgt ervoor dat er continue storingen zijn bij sluizen met als gevolg ongeplande stremmingen van korte en langere duur. Niet alleen heeft dit gevolgen voor de binnenvaartondernemingen, maar ook voor de havenbedrijven, de verladers en de havens zelf in relatie tot bereikbaarheid”.

Knelpunten

Ondanks de extra investeringen in vaarwegen roept het COV op meer geld te investeren in de bevaarbaarheid van de Waal. De aanpak van de ‘harde laag’ bij Nijmegen is vertraagd en blijft daarmee een groot knelpunt voor de scheepvaart. COV: “Het verbeteren van de bevaarbaarheid van de Waal vraagt structurele investeringen en dient versneld aangepakt te worden.”

De sluizen in de Zeeuwse Delta vormen eveneens een knelpunt, zeker met het oog op het toekomstige kanaal Seine-Nord. Uit de begroting van 2021 blijkt dat in 2019 de passeertijden bij de Volkeraksluis, Kreekraksluis en Krammersluis verder zijn opgelopen. Het Rijk wil op hoofdtransportassen in 85 procent van de tijd voldoen aan de streefwaarde van 30 minuten voor een sluispassage. In werkelijkheid wordt slechts in 65 procent van de gevallen voldaan aan deze streefwaarde. “Dat toont aan dat capaciteitsuitbreiding bij deze sluizen dringend nodig is”.

Op de Maas ondervindt de scheepvaart eveneens geregeld lange wachttijden bij de enkelsluis in Grave. Het COV roept het kabinet op om wanneer de stuw gerenoveerd wordt in 2025, ook de schutcapaciteit uit te breiden, zodat de Maas een volwaardig alternatief kan worden voor de Waal in tijden van droogte.

leaderboard