Overslaan en naar de inhoud gaan
Richard Smook en Jana Oláhová naast hun Nikita.
Richard Smook en Jana Oláhová naast hun Nikita: “We willen dingen zien, zelf onze weg bepalen”.
Jong stel uit passagiersvaart kiest voor zwijgende lading

"Eigen schip, eigen baas, vrijheid"

Schipper Richard Smook (1989) leerde zijn even oude Slowaakse vriendin Jana Oláhová op de passagiersvaart kennen en sindsdien varen ze samen door het leven. Sinds november 2017 op een eigen schip, de 67-meter Nikita.


HEERE HEERESMA JR

Waarom Nikita? “Ik vond het een mooie naam”, zegt Richard. “Het heeft verder geen betekenis. En er vaart niemand als Nikita. Russische zeeschepen wel, maar binnenvaart niet. En het volgende schip dat we kopen, gaat Alessa heten. Ik hoop op een groter schip. Nikita klinkt als een klein scheepje en Alessa als een groot schip”.
Richards ouders waren binnenschippers, hun laatste schip heette Boreas. Daarna begonnen ze in Delfzijl een bevoorradingsbedrijf voor de binnenvaart, Vita Nova. Richards vader Otto Smook overleed in 1996, waarna zijn moeder Dina van der Molen het bedrijf voortzette tot 2001. Toen verdween het belastingvoordeel op drank en sigaretten voor binnenschippers en besloot zijn moeder te stoppen.


“Voordeeltjes zijn er niet meer”, lacht Richard, die zijn binnenvaartcarrière begon op de Hentina van zijn broer Andreas, tegenwoordig de Smooky. Daarna voer hij op de Hoop op Zegen. “Een Van Goor-schip was dat, de mooiste schepen van de binnenvaart. Er stond een MWM van 850 pk in. Die had een mooi bordesje, waar je op kon klimmen om alles te smeren. Daar was ik eerst matroos en begon ik mijn opleiding tot schipper”.
Richard haalde zijn matroos- en schipperspapieren bij het Nova College in IJmuiden en werd op zijn 21ste schipper op de Hoop op Zegen. Vervolgens werd hij schipper op de Maartje van Bart Verkade, welbekend van de mooie, authentieke spits Manna - die na bij Antwerpen vanachter te zijn aangevaren gelukkig weer rondvaart.
“Bart had twee schepen: de Maartje en de Anna. De Anna was 85 op 8,20 en de Maartje 80 op 8,20”. Richard heeft een jaar op de Maartje gezeten. Daarna heeft hij vier maanden op de Donau gevaren op de Tamara; eerst als stuurman, daarna als zetschipper. Toen begon hij op de passagiersvaart. “Dat was niks voor mij. Als ik ’s ochtends wakker word, dan wil ik stilte om me heen. Dat heb je daar niet. Ik wil gewoon m’n kopje koffie zonder steeds goedemorgen, goedemorgen, goedemorgen. En altijd kijkers die willen weten hoe je het doet, waarom je het doet. Alles uitleggen, dat is niks voor mij. Ik wil stilte. Soja praat niet”.


Mooie Donau
Maar op de passagiersvaart leerde Richard wel zijn vriendin Jana kennen. Jana komt uit Slowakije en studeerde Slowaakse taal. “Ik was klaar met de universiteit en dacht: ik ga wereld zien. Ik was via bedrijf Concordia Agency in Bratislava kamermeisje op Virginia, dat is een schip van Trans River Line. Ik was vier maanden kamermeisje, Richard was daar stuurman en wij werden vrienden”.

Hoe was het werk van een kamermeisje op een riviercruiser? Jana: “Zeven dagen per week werken. Van 7.30 uur tot 12.00 uur kamermeisje. Dan vanaf 13.00 tot 15.00 uur helpen in keuken. Afwassen. En ‘s avond ook in de keuken. Alles opruimen”. 


Na een seizoen besloten Richard en Jana de passagiersvaart voor gezien te houden en gingen op de Donau varen op de T’Ai Shang. “Vlak bij mij thuis”, zegt Jana. Richard noemt het varen op de Donau heerlijk: “Je ziet veel, het is hartstikke mooi varen. Als je rust wil, moet je naar de Donau”. Helaas heeft Richard geen Donaupatent.
Ze voeren een jaar op de Levante; Richard als schipper, Jana als matroos. Containers van Oosterhout naar Europoort. “Altijd hetzelfde. Niks voor ons. We willen dingen zien, zelf onze weg bepalen”.

Na drie maanden op de Harja III, besloten ze een schip te kopen. Via GTS Schepen vonden ze de Nikita, die toen Vogelzand heette. De Nikita (67,05 x 8,20 meter, 855 ton, 425 pk Industrie 6D6) werd in 1929 gebouwd als Aljo bij Ruijtenberg te Raamsdonkveer. Richard is tevreden: ‘Eigen schip, eigen baas, vrijheid’. Hij vaart vast voor bevrachtingskantoor Van der Veen, zijn oude buurman in Delfzijl.


Havenbriefjes
Richard houdt niet van Nederland, met zijn regeltjes en drukte. Als voorbeeld noemt hij de havenbriefjes voor een week: “Neem ik een briefje voor een week, vertrek ik de volgende dag voor een reis en ben ik dezelfde week weer terug om te laden, dan moet ik weer een havenbriefje voor een week betalen. Dan betaal ik twee keer voor een week. Waarom? Mijn broer kwam in Amersfoort vier keer in de week en betaalde vier keer voor dezelfde week. Twee jaar lang. Dat ging gewoon niet, hij was 500 euro per week kwijt, dus heeft hij een gesprek gehad. Toen hebben ze hem een aanbod gedaan: hij hoefde maximaal 250 euro in een week te betalen. Waarom?”


Richards vaargebied bestaat hoofdzakelijk uit de Noord-Duitse kanalen. Het enige nadeel is dat hij om de drie weken zijn stuurhut moet neerklappen en ballast moet zetten voor Brücke 395 en 396. “Ze zeggen dat de doorvaart 4,32 meter is, maar af en toe heb ik het gevoel dat het water hoger is door de wind. Dan zet ik ballast tot ik op 4,15 à 4,20 zit. Want ’s avonds pompen ze het waterpeil wat hoger in het kanaal, zodat ze een buffer hebben om de rest van de dag te kunnen schutten. Maar als het rustig is, is het waterpeil hoger dan ze denken”. Jana draait nautisch volledig mee. “Ze doet alles”, zegt Richard. “Varen, onderhoud, machinekamer”. Om de twee uur smeert Jana de motor. “Ik doe dat automatisch”, zegt ze. “Ik hoef niet op mijn horloge te kijken”.
 

leaderboard